Veelgestelde vragenVeelgestelde vragen:

Bijna dagelijks ontvang ik e-mailtjes met vragen over het biljartspel en de arbitrage.
Daarom hier een overzicht van de meest gestelde vragen. De antwoorden komen grotendeels uit het Spel en Arbitrage Reglement van de KNBB, hetgeen u hier kunt downloaden.

Onderwerp Keuzetrekstoot
Vraag Waar moet ik als arbiter bij de keuzetrekstoot op letten?
Antwoord

De spelers mogen ieder 4 minuten inspelen. Pas daarna wordt de keuzetrekstoot uitgevoerd. Meteen nadat is bepaald welke speler mag beginnen, worden de ballen opgezet voor de acquitstoot en begint de partij.

De keuzetrekstoot dient door beide spelers gelijktijdig en rechtstreeks van de bovenband te geschieden, zodanig dat de spelers met de hun toegewezen bal die band eenmaal raken. De speler wiens bal het dichtst bij de benedenband tot stilstand komt, ongeacht of deze band is geraakt, mag bepalen aan wie de beginstoot wordt toegekend. Als overigens de speelbal van de ene speler de bovenband raakt voordat de bal van de andere speler is gestoten, dan mag de eerste speler zeggen wie er mag beginnen.

Komen de ballen naar het oordeel van de arbiter op gelijke afstand van de benedenband tot stilstand dan dient de keuzetrekstoot opnieuw te worden uitgevoerd.

Raakt een van de spelers tijdens het uitvoeren van de keuzetrekstoot met de hem toegewezen bal een andere bal, meer dan één keer de bovenband of geen enkele keer de bovenband, dan bepaalt de andere speler aan wie de beginstoot wordt toegekend.

Raken de ballen elkaar tijdens de keuzetrekstoot zonder dat duidelijk kan worden bepaald wie van de spelers daaraan schuld heeft; raken beide ballen de bovenband meer dan één keer of geen van beide die bovenband, dan moet opnieuw worden afgestoten.



Onderwerp Vastliggende bal
Vraag Als de speelbal vastligt aan een andere bal, mag ik dan toch via die andere bal spelen of wordt er dan afgeteld.
Antwoord

Ligt de speelbal vast tegen een of beide aanspeelballen, dan mag de speler kiezen uit:

  • het plaatsen van alle ballen in de beginpositie;
  • het spelen vanaf een niet vastliggende bal of via een of meer banden tegen welke de speelbal niet vastligt;
  • het 'vrij'-spelen van zijn speelbal door een kopstoot (massé of piqué).

De arbiter dient het vastliggen van de speelbal ook aan te geven.
Wordt toch gespeeld via de vastliggende aanspeelbal, dan maakt de speler een biljardé en dient de arbiter hem af te tellen.

Aanvulling: in de topklasse libre wordt bij vastliggende speelbal altijd van acquit gespeeld en zo ook in de C1-klasse, bij spelers met grote hoek. Alle ballen worden dan opgezet. Bij driebanden worden alleen de speelbal + de vastliggende bal(len) op hun aquits gelegd.


Onderwerp Als de arbiter twijfelt...
Vraag Als een arbiter twijfelt aan een punt, hoe dan verder?
Antwoord

Bij niet meer te controleren situaties kan de arbiter op het moment zelf vaststellen wat in een fractie van een seconde gebeurde.

Aan het waarnemingsvermogen van een arbiter zijn echter grenzen verbonden en het kan dan ook gebeuren dat een arbiter niet met zekerheid kan vaststellen wat er precies plaats vond. Daarom mag hij in dit soort gevallen wel de hulp van de andere arbiter (schrijver) inroepen. Hij is dat echter niet verplicht. Het te hulp roepen van spelers of toeschouwers is - hoe goed ook bedoeld - onjuist en niet toegestaan.

Uitsluitend de arbiter - en niemand anders - heeft de arbitrage in handen en ongevraagde hulp zal hij beslist afwijzen.



Onderwerp Opzettelijk indirect touché
Vraag Mag een speler tegen een bal blazen om zo toch het punt te maken of tegen het biljart stoten om de (vastliggende) ballen te bewegen?
Antwoord

Opzettelijk-indirect touché is een moeilijk begrip. Hieronder wordt verstaan dat een speler niet een of meer ballen op directe wijze aanraakt, maar toch de loop van die ballen wil beïnvloeden, dan wel van een gebeuren gebruik wil maken.

Indirect aanraken is bijvoorbeeld stoten tegen het biljart, optrekken van het laken, blazen tegen een bal, enzovoort.

Door dit soort handelingen kan de loop van een bal veranderen of een of meer ballen worden verplaatst. Zo zouden bijvoorbeeld vastliggende ballen kunnen worden losgemaakt.

Niet elke indirecte aanraking moet als fout worden gerekend, een speler kan deze handeling ongewild verrichten. Het gaat er om of die speler dat bewust doet, dan wel van een ongewilde verrichting gebruik wil maken. Het element "opzettelijk" moet eveneens aanwezig zijn.

Enkele voorbeelden:
De arbiter heeft "vast" geannonceerd.
De speler wil dat controleren en legt zijn hand op het speelvlak. Hij kan dan het laken iets optrekken, waardoor de ballen loskomen. Dat kan iedere speler weten en daarom is zowel van een indirecte, als van een opzettelijke handeling sprake, ook al bewegen de vastliggende ballen niet.

De arbiter heeft "vast" geannonceerd en de speler loopt tegen het biljart aan. Vervolgens vraagt hij de arbiter nog een keer te kijken of de ballen werkelijk vastliggen. Ook in dit voorbeeld weer een indirecte en opzettelijke handeling, ook al zouden de vastliggende ballen niet zijn bewogen.



Onderwerp Bal via de omlijsting weer in het spel
Vraag Een speler stootte de bal zo hard dat deze opsprong en op de omlijsting terecht kwam, maar vervolgens rolde deze weer terug en er werd zelfs een carambole gemaakt. Is dat een geldig punt?
Antwoord

Als de arbiter constateert dat de bal de houten omlijsting heeft geraakt, dan dienst dit te worden beschouwd als een uitgesprongen bal. De arbiter zal de ballen dan weer opzetten in de beginpositie (bij driebanden alleen de uitgesprongen bal) en is de andere speler aan de beurt..

Als de bal echter alleen de groene (of blauwe) band raakt, maar niet de houten omlijsting, dan is de bal nog steeds in het spel en dient het punt te worden geteld (mits natuurlijk er een carambole wordt gemaakt)..



Onderwerp Verkeerde bal spelen
Vraag Als de arbiter niet in de gaten heeft dat een speler met de verkeerde bal speelt, wie mag daar dan iets van zeggen?
Antwoord

Het komt regelmatig voor dat een speler de verkeerde bal speelt. Ofwel omdat de arbiter de ballen verkeerd heeft opgezet, ofwel heeft de speler tijdens zijn beurt de verkeerde bal gekozen. De speler is hoe dan ook altijd verantwoordelijk voor het stoten van de verkeerde bal, ook al heeft de arbiter de ballen verkeerd opgezet, dan nog had de speler dit moeten melden.

Soms gebeurt het dat een speler al meerdere caramboles met de verkeerde bal heeft gemaakt, zonder dat de arbiter dit in de gaten had. Volgens de KNBB mag de niet-aan-de-beurt-zijnde speler de arbiter dan verzoeken om herziening. Indien juist, zal de arbiter de speler aftellen de de laatste carambole niet mee laten gelden. Alle voorgaande punten zijn geannonceerd en dienen (met uitzondering van het laatste punt) te worden gehonoreerd.



Onderwerp Stoten als de ballen nog niet stilliggen
Vraag Tijdens onze clubavond telde iemand een bal af omdat gestoten werd terwijl nog niet alle ballen stillagen. Het punt was echter al wel geteld.
Antwoord

Arbiters hebben er vaak plezier in om een carambole voortijdig te annonceren, vaak om zo te laten zien hoeveel verstand zij wel niet hebben van biljarten, danwel uit gewoonte.

Een carambole is echter pas geldig nadat alle ballen tot stilstand zijn gekomen en er geen fout is gemaakt.

Spelers op hun beurt letten er vaak niet op of alle ballen wel stil liggen en stoten dan te vroeg, met als gevolg dat het kort daarvoor geannonceerde punt feitelijk niet is gemaakt.

Dit levert soms verontwaardiging op van de speler omdat de arbiter zojuist nog bijv. 20 annonceerde en er maar 19 laat noteren.



Onderwerp Biljartboeken
Vraag Waar kan ik dat boek bestellen?
Antwoord

Ik wordt soms platgemaild met vragen waar een bepaald boek nog verkrijgbaar is.In alle gevallen is het antwoord dan: "Informeer eens bij de boekhandel!".

Op dat antwoord had u zelf ook kunnen komen, maar meestal doet u het niet. Loop er eens binnen en vraag om een uitdraai van de beschikbare biljartboeken. Meestal zullen ze op bestelling verkrijgbaar zijn.

Ook kunt u eens kijken op de website www.sportboek.nl. Klik in het menu op de sectie biljartboeken en u ziet op een vijftal vervolgpagina's wat er op dat moment nog te bestellen is. Zo zijn daar ook de boeken van Gerard Klinkert (zie pagina biljartboeken) nog verkrijgbaar. Naar zijn oefenboek wordt veelvuldig gevraagd.



Onderwerp Biljartwoordenboek
Vraag Wat bedoelen ze met dit woord .......?
Antwoord



Ik wordt regelmatig gevraagd naar de betekenis van een bepaald woord dat in de biljartsport wordt gebruikt. Onderstaand treft u een lijst aan met veel voorkomende biljartwoorden. Aanvullingen zijn uiteraard welkom:

À cheval

moet bij het kaderspel worden geannonceerd als een van de aanspeelballen in een verboden zone ligt en de andere bal (niet de speelbal) tegen diezelfde zone aanligt, dus voor de lijn.

Acquit

De acquitstoot (aanvangsstoot) moet van de rode bal worden gespeeld.Bij de acquitstoot ligt de rode bal op de bovenacquit, de bal van de tegenstander (witte/of wit met stip bal) op de benedenacquit en de speelbal (gele of witte bal) op het rechter- of linker-beneden acquit.

Amortiseren

Het geheel of gedeeltelijk geremd spelen van de speelbal, d.w.z. de speelbal op of iets onder de hartlijn stoten.

Arbiter

Iemand die zelfstandig een biljartwedstrijd leidt.

Biljardé

Als de pomerans de stootbal nog raakt op het moment dat de stootbal in contact komt met de tweede bal, dan spreekt men van een biljardé. (doorduwen).

Butage

In elke biljartzaal of clubhuis hoor je wel eens de term “butage” vallen en de meeste biljarters weten ook wel wat dit betekent: de speelbal maakt na het treffen van de tweede bal een onbedoeld vreemd sprongetje, om daarna “dood” te vallen. Meestal gebeurt dit bij het spelen van een rustige doorschieter of trekstoot. Waarschijnlijk ontstaat een butage als de speelbal en de aan te spelen bal elkaar treffen op een plek waar nogal wat krijt op de ballen zit. Door de hoge wrijving van het krijt zal de speelbal belangrijk anders reageren dan de bedoeling was van de speler. De bal klimt als het ware op de tweede bal (sprongetje) en valt vervolgens “stil”op de tafel.

Carambole

Een carambole is het met de speelbal raken van de andere 2 ballen nadat de speelbal in beweging is gebracht door een met de pomerans eenmaal toegebrachte stoot. Een carambole is pas geldig wanneer alle ballen tot stilstand zijn gekomen en geen fout is gemaakt.

Carotte

Voor de tegenstander bewust een moeilijk balsituatie achterlaten.

Dedans

Als na een gemaakte carambole de 2 ballen nog steeds in hetzelfde vak liggen dan annonceert de arbiter ‘dedans’ en dient er bij de volgende stoot minimaal 1 bal uit het vak gespeeld te worden.

Doorschieten

De speelbal boven de hartlijn afstoten.

Effect

Elke andere beweging aan de bal geven dan de zuiver rollende beweging, d.w.z. beheerst stoten op ongeveer 1 cm boven de hartlijn in het midden van de bal (niet links of rechts van het midden).

Entrée

Indien de te raken 2 ballen in hetzelfde vak komen te liggen dan annonceert de arbiter ‘entré’, indien het om het spel 47/1 gaat dan is er uiteraard sprake van ‘dedans’.

Kader

Spelsoorten waarbij beperkingen worden opgelegd aan het maken van een carambole door vakken op het laken te tekenen.

Ketsen

Ketsen ontstaat als de pomerans (keutop) van de stootbal afglijdt.

Keu

Een (grotendeels) houten stok waarmee de stootbal in beweging wordt gebracht.

Keuvoering

De keuvoering is de wijze waarop de keu gehanteerd wordt.

Krijt

Een blauw kalkblokje. Het kalkpoeder maakt het oppervlak van de pomerans ruw.

Liften

Om een bal dieper onder de hartlijn te kunnen stoten wordt de keu met de achterhand omhoog gehaald.

Massé

Met een sterk gelifte achterhand de stootbal bespelen waardoor de speelbal een voorwaartse curve maakt.

Matchtafel

Een (wedstrijd) biljarttafel met een speelvlak van 284 x 142 cm binnen de banden.

Mikpunt

De plek waar de stootbal (bal 1) naar toe wordt gestoten.
Dit kan bal 2 zijn, maar ook een "losse band".

Moyenne

Het moyenne (gemiddelde) wordt berekend door het aantal caramboles te delen door de beurten die nodig zijn om deze caramboles te maken.

Nastoot

In een partij hebben beide spelers recht op een gelijk aantal beurten. Is de speler die van acquit ging als eerste uit dan heeft de tweede speler recht op een gelijkmakende beurt (van acquit gespeeld).

Piqué

Een trekstoot waarbij de keu nagenoeg in verticale stand wordt gehouden.
De stootbal rolt terug nadat hij bal 2 heeft geraakt.
Het resultaat van de piqué is te vergelijken met de meer gebruikte trekstoot echter de piqué wordt toegepast als de trekstoot moeilijk is uit te voeren.

Pomerans

Een stukje leer dat op de keutop is gelijmd.

Rappeleren

De stootbal zodanig bespelen dat na het caramboleren de ballen in een gunstige vervolgpositie komen te liggen.

Restée dedans

De bal heeft, na annoncering van dedans door de arbiter, het vak niet verlaten en wordt afgeteld.

Rollijn

De richting waarin de ballen bewegen na de afstoot.

Speelbal

De witte of gele bal (witte met of zonder stip) waarmee de hele partij wordt gespeeld.

Touché

De bal(len) niet reglementair aanraken.

Trekstoot

De stootbal onder de hartlijn bespelen waarbij, na contact met de tweede bal, de stootbal a.h.w. terug rolt.



 

Binnenkort meer...

Heeft u een vraag of eventueel een wijziging/aanvulling
op de gegeven antwoorden, stuur dan s.v.p. een e-mail.


| Mail deze pagina | Framebreker
Copyright © 1997- - bommeltje.nl